Suriname is dit jaar 50 jaar onafhankelijk van Nederland. Sinds 1667, door de ruil met de Britten van Nieuw Amsterdam met Suriname, werd het een Nederlandse kolonie onder de naam Nederlands-Guyana. De inlandse bevolking gebruikte in die tijd overigens al de naam Seriname. Tussen 1954 tot 1975 was Suriname een autonoom land binnen het koninkrijk. Suriname viert die onafhankelijkheid op een manier zoals men daar een feest organiseert. Koning Willem Alexander en koningin Maxima brachten een staatsbezoek, waarin de koning vergiffenis vroeg voor het verleden ten aanzien van slaven en inheemse gemeenschappen.
Geschiedenis
In 1667 nam de Republiek Suriname over van de Engelsen. In 1667 veroverde de Engelsen kortstondig de kolonie opnieuw maar bij het Verdrag van Westminster in 1674 werd Suriname definitief overgedragen De Zeeuwen waren al voor 1667 aan de kust van Guyana geweest en beschouwden Suriname als hun eigendom. De Staten van Zeeland verkochten Guyana in 1682 aan de Heren X namens de West Indische Compagnie. Uiteindelijk werd in 1683 de Sociëteit van Suriname opgericht met drie aandeelhouders (een derde WIC, een derde van de stad Amsterdam en een derde van de Zeeuw Cornelis van Aersen van Sommelsdijck).
De kolonie was zeker in het begin niet winstgevend vanwege de hoge kosten van bestuur en de noodzakelijke militaire aanwezigheid. De economische activiteit in de kolonie bestond uit plantages voor de productie van koffie, suiker, katoen en indigo. Uiteindelijk 400 in getal die aan de rivieren gelegen waren. De inlandse bevolking was klein en werkte niet op de plantages. Slaven werden ingevoerd uit Afrika, India en Indonesië.
De plantage-eigenaren kregen te maken met ontvluchte slaven die het oerwoud in trokken, de marrons. In de loop van de tijd verdwenen vrijwel alle plantages.
Suriname bestaat voor 93% uit oerwoud. De voornaamste bewoning is aan de kust met Paramaribo als grote stad, waar de helft van de bevolking woont.
Slavernij
Slavernij bestond al onder de Engelsen toen Nederland de kolonie ruilden tegen Nieuw Amsterdam (het latere New York). Daarna werden slaven uit Afrika op grote schaal aangevoerd mogelijk wel 350.000 in de hele periode tot de afschaffing van de slavernij. De slaven werkten op de plantages. Circa 250 slaven namen jaarlijks de benen en vluchtten het oerwoud in. De inheemse bevolking van de Arowakken en Caraïben werd nauwelijks als slaaf op de plantages te werk gesteld.
In 1863 werd de slavernij afgeschaft, waarbij 37.536 slaven werden vrijgemaakt. De voormalige slaven moesten nog tien jaar op de plantage tegen loon blijven werken. Daarna werden contractarbeiders gerekruteerd uit India, Indonesië en China.
In 1857 vlak voor de afschaffing van de slavernij waren van de 52.000 Surinaamse inwoners slechts 29% vrij en 71% niet-vrij.
Demografie
De bevolkingsgrootte bestond in het jaar van de onafhankelijkheid 1975 uit 380.000 tot 400.000 koppen. In dat jaar vertrokken 40.000 Surinamers naar Nederland. Ook in 1979-1980 kwamen grote aantallen Surinamers naar Nederland, daar in 1980 de vijf jaar periode dat zij het Nederlanderschap behielden, afliep. Niettemin ging ook daarna de emigratie door, wat leidde tot een totaal van 256.000 in de periode van 1975 tot 2024. In 2025 wonen in ons land 189.000 geborenen in Suriname en 189.000 in Nederland geborenen uit een of twee Surinaamse ouders. Suriname heeft op dit ogenblik een bevolking van 642.000 koppen bestaande uit verschillende bevolkingsgroepen. De Surinaamse bevolking is gemiddeld jong.
De etnisch grootste groep vormen de Hindoestanen (van origine uit Brits-India) met 27,4%, gevolgd door de Marrons (gevluchte slaven van origine uit Afrika) met 21,7%, de Creolen (van voormalige Afrikaanse herkomst) met 15,7% van de bevolking, de mensen uit voormalig Nederlands-Indië (van Javaanse herkomst) 14% en van gemengde herkomst 13,4%. De Chinezen maken slechts 1,5% van de bevolking uit en de van oorsprong inheemse indianen 3,8%. De marrons (het woord betekent vluchteling in het Spaans) waren slaven, die van de plantages gevlucht waren en zich schuilhielden in de bush. Zij vormden guerrilla groepen die het leven van plantage-eigenaren zuur maakten. Uiteindelijk werd er vrede gesloten tussen de marrons en de plantage-eigenaren.
In Suriname wordt jaarlijks de Dag van de Marrons als nationale feestdag gevierd (10 okt).
Bestuur
Suriname is een republiek met aan het hoofd een president en regeringsleider. Het heeft een parlement (Nationale Assemblee). Daaronder is het opgedeeld in 10 districten en 62 ressorten, voor die laatsten worden resortraden gekozen. Het heeft een grondwet. Vanaf de onafhankelijkheid van 1975 was Johan Ferrier (tot dan gouverneur) president en Henk Arron kabinetschef.
In 1980 pleegde Desi Bouterse, legerleider, zijn eerste staatsgreep. Hij werd voorzitter van de Nationale Militaire Raad. In 1982 werden 15 tegenstanders van zijn regering in Fort Zeelandia uit de weg geruimd (de Decembermoorden). De dictatuur onder Bouterse zou tot 1987 duren. Het was een corrupt regime. Een binnenlandse oorlog brak uit tussen Bouterse (en na 1987 onder zijn opvolger) en het jungle commando van Ronnie Brunswijk en woedde van 1986 tot 1992.
In 1990 pleegde Bouterse zijn tweede staatsgreep via de zg. Telefooncoup waarbij de president werd afgezet via een telefoontje. Deze duurde slechts kort.
In 2010 werd Bouterse verkozen tot president. De twee kabinetten Bouterse bleven aan tot 2020.
De criminaliteit vierde hoogtij onder dat regime evenals de drugshandel. De dollar werd gehalveerd. De kredietwaardigheid werd verlaagd naar categorie B en later naar CCC. De inflatie was even zelfs 100%. De staatsschuld liep op naar 95%. Ruim 100 miljoen dollar verdween uit de staatskas. De junkstatus werd uitgeroepen in 2020. De corruptie-index daalde naar 3,5-4,5 (Nederlands index is 7,5-8,2). Bouterse stelde een topcrimineel aan als Hoofd Centrale Inlichtingen en Veiligheidsdienst. Bouterse hing nog een gevangenisstraf van 20 jaar boven het hoofd, maar hij verdween uit Suriname direct na zijn presidentschap. Volgens de Surinaamse regering is Bouterse op 23 dec 2024 overleden in de leeftijd van 79 jaar.
Suriname was in 1976 het derde rijkste land van Zuid-Amerika en in 2023 het op twee na armste land.
Economie
Suriname is volgens het gouvernement arm met een percentage van 19,8 tot 24% (volgens de Wereldbank 17,5%). Suriname heeft te maken met drie problemen: hyperinflatie, armoede en het wegvallen van het sociale vangnet.
De werkeloosheid was in 2007 hoog met 15% en zelfs 40% onder jongeren. Nu ligt het op 7,33%, hoewel sommigen het werkelijke percentage schatten op 15%.
De inflatie was in 2020 60,8% en in 2024 10,1%.
De economie draait voornamelijk op mijnbouw met de sectoren goud, olie en bauxiet. Daarnaast is landbouw, veeteelt, visserij en bosbouw van belang naast de dienstensector (handel, overheid en olie-ondersteunende diensten). Het toerisme is nog klein. Suriname kent een significante informele economie (ook geld overgemaakt uit o.a. Nederland). De inkomsten uit olie en gas zullen in de toekomst verder groeien.
Suriname had 100 (163) staatsbedrijven waaronder voor telefonie, luchtvaart SLM, energie, water, land- en bosbouw en delfstoffen. Het aantal ambtenaren bedroeg in 2007 42.818. Daarna liep het aantal op naar 54.000 in 2023. Het ging om fictieve overheidsbanen. Mensen kwamen ’s morgens om de presentielijst te tekenen en gingen daarna naar ander werk. Bij controle bleek dat er 8.000 spookambtenaren waren die geen werkplek hadden. Eentje van hen liet zelfs elke maand 500 overuren uitbetalen. In december 2024 was het terug naar 46.000. Circa 25% van overheidsuitgaven zijn nodig voor het ambtenarenapparaat.
Slechts een derde van de ambtenaren bestaat uit laag- en middenkader. Iedere ambtenaar ook parttimers heeft recht op medische voorzieningen en pensioenopbouw.
Sinds december 2021 loopt een 3-jarig programma van het IMF om de economie te herstellen. Voor 2025 voorziet het IMF een groei van 2-3% maar Suriname moet het beter doen op het gebied van subsidies en belastinginning en de transparantie en anticorruptie verbeteren.
De belangrijkste Investeerders zijn op dit ogenblik. Curaçao en Sint-Maarten.
Cultuur
De Surinaamse cultuur is een smeltkroes van etniciteiten die vreedzaam samenwonen. Er zijn sterke invloeden van Aziatische, Afrikaanse en Europese groepen. Elke groep heeft zijn gebruiken, feestdagen en gebedsplaatsen. De samenleving is gericht op de gemeenschap en de familie. De keuken is multicultureel, rijk en gevarieerd.
De religie van Surinamers bestaat voor 48,4% uit christendom, 22,3% uit hindoeïsme, 13,8% uit islam.
Literatuur
‘Suriname, nl.wikipedia.org
‘Economie van Suriname’, nl.wikipedia.org
‘Onafhankelijkheid Suriname in 1975’, parlement.com
‘Bevolking: Suriname 1975’, populationpyramid.net
‘Nationaal leger’, nl.wikipedia.org
‘Geschiedenis van Suriname’, nl.wikipedia.org
‘Afschaffing van de slavernij in Suriname’, nl.wikipedia.org
‘Hoe Nederlands ontwikkelingsgeld doorwerkt in Suriname’, www.nieuwwij.nl (18 jan 2025)
‘Potje voor Suriname is leeg’, historischnieuwsblad.nl (6 jul 2011 update 7 feb 2023)
‘1975 Uittocht na Surinaamse onafhankelijkheid’, amsterdam.nl (1 sep 2020)
‘Sinds onafhankelijkheid ruim 250.000 Surinamers naar Nederland gekomen’, cbs.nl (19 nov 2025)
Heleen Zijlstra, ‘De Decembermoorden: hoe kon het zo misgaan’, human.nl (2 dec 2022)
‘Staatsbezoek aan Suriname had 'extra dimensie', koning blij met vergiffenis’, nosnieuws.nl (3 dec 2025)
‘Op 1 juli 1863 47 duizend slaven vrijgemaakt in Suriname en op de Antillen’, cbs.nl (1 jul 2013)
‘Maroons’, en.wikipedia.org
‘Marrons’, nl.wikipedia.org
‘Demography of Suriname’, en.wikipedia.org
‘West-Indische Compagnie’, nl.wikipedia.org
‘Plantages in Suriname’, nl.wikipedia.org
‘Kabinet Bouterse II’, nl.wikipedia.org
Gerald Rozenblad, ‘Desi Bouterse, a dictator convicted of murder who twice ruled Suriname, has died at 79’, apnews (25 dec 2024
John Slagveer, ‘Het verraad van de economie van Suriname’, dwtonline.com (2 okt 2024)
‘Stichting Algemeen Bureau voor statistiek (ABS-25 aug 2025)’, statistics-suriname.org
Reactie plaatsen
Reacties