Dit keer zal ik het over religie hebben. Het is een objectief artikel in de vorm van een overzicht. Ik heb eerder over de ontkerkelijking in Nederland geschreven (zie kort artikel van 25 maart 2024 op website). Ik zal het over de grote religies hebben, waarvan het christendom de grootste is. Het jodendom en het christendom behandel ik het uitgebreidst.
Religies
De grote wereldgodsdiensten zijn:
Christendom: RK en Grieks katholiek sinds 1e eeuw na Chr. 1, 4 miljard); Protestant (Hervormd en Gereformeerd) sinds reformatie in 16e eeuw. Het totaal aan volgelingen van christelijke godsdiensten zijn tezamen 2,4 miljard ofwel 30% van de gelovigen.
Boeddhisme 6% 535 miljoen
Hindoeïsme (4000 jaar oud) 15%
Islam 1 miljard (24%)
Jodendom (15 miljoen). Het jodendom is een relatief kleine godsdienst maar wel de oudste godsdienst die een enkele god aanbad.
Zoals gezegd het christendom behandel ik als laatste.
15% van de volwassenen zegt geen godsdienst te hebben
Boeddhisme
Het boeddhisme is een levensbeschouwelijke en religieuze stroming die ontstond uit de leer die volgens de overlevering werd gesticht door Gautama Boeddha, de historische Boeddha, die in de 6e en 5e eeuw v.Chr. in het noorden van India leefde. Boeddhisme ontstond uit lokale religieuze tradities en in interactie met ritualistische en ascetische stromingen binnen het brahmanisme, een van de voorlopers van het huidige hindoeïsme. Boeddhisten geloven dat men bevrijd kan worden uit de cirkel van wedergeboortes door het volgen van de door de Boeddha onderwezen middenweg. De belangrijkste aspecten van deze middenweg zijn het uitbannen van alle materiële verlangens, het zich ethisch gedragen, en het ontwikkelen van de geest. Hoewel het in India zelf geleidelijk verdwenen is, heeft het boeddhisme zich over andere delen van Azië verspreid. Het heeft een belangrijke rol gespeeld in de geschiedenis van Zuidoost- en Oost-Azië en op de ontwikkeling van de cultuur en samenleving in die gebieden.
Hindoeïsme
Het hindoeïsme is de overheersende inheemse religie gebaseerd op geloof op het Indisch subcontinent. Het hindoeïsme wordt door zijn aanhangers vaak aangeduid als Sanātana Dharma, een Sanskriete term met de betekenis de eeuwige wet die ons ondersteunt en overeind houdt. Een algemene typologie van het hindoeïsme die tracht een verscheidenheid van complexe standpunten te huisvesten, overspant het spectrum van volks- en vedisch hindoeïsme enerzijds tot de bhakti-traditie anderzijds. De vier hoofdstromingen zijn het vaishnavisme, het shaivisme, het shaktisme en het smartisme. Qua praktijken en filosofieën omvat het hindoeïsme een breed scala van wetten en voorschriften van dagelijkse moraal, gebaseerd op de concepten van karma en dharma en op maatschappelijke normen, zoals hindoeïstische huwelijksgebruiken. Het hindoeïsme is gevormd uit diverse tradities en heeft niet één bepaalde stichter. Een van de wortels is de vedische religie van India uit de ijzertijd – daarom wordt het hindoeïsme vaak de oudst levende wereldreligie genoemd, al verschilt het huidige hindoeïsme aanmerkelijk van het vroegere brahmanisme.
Islam
Islam betekent in het Nederlands: onderwerping of overgave aan God. Het is een monotheïstische godsdienst en een van de drie grote(re) zogenoemde abrahamitische religies. Het wijst op het fundamentele, religieuze principe dat een aanhanger van de islam (moslim) zich overgeeft aan de wil en wetten van God. De tekst van de Koran (een van de Islamitische heilige boeken) is volgens de islam doorgegeven aan Mohammed als profeet en boodschapper via de aartsengel Djibriel (Gabriël). Naast de Koran is de soenna van Mohammed, waarin de levenswijze, de gezegden en de standpunten van de profeet worden beschreven, ook een belangrijke bron voor de (soennitische) islamitische doctrine. Elke islamitische stroming kent haar eigen bronnen voor de soenna. Tevens geldt ook nog de Hadith als een collectie van geschreven en verzamelde bronnen in de Islam, doch deze is niet geheel onomstreden. Het ontstond in 610 na Chr. door de verkondiging van de profeet Mohammed.
Jodendom
Het jodendom is de cultuur, levenswijze en religie van het Joodse volk en de oudste of een van de vroegst ontstane monotheïstische godsdiensten en behoort tot de oudste religieuze tradities die vandaag de dag nog worden beoefend. Het jodendom past niet gemakkelijk in de westerse categorieën zoals religie, ras, etniciteit of cultuur. Dit komt doordat Joden het jodendom in termen van 4000 jaar geschiedenis beschouwen. Tijdens dit lange tijdperk hebben Joden slavernij, chaos, theocratie, verovering, bezetting en ballingschap ervaren en zijn zij in contact geweest met en beïnvloed door het Oude Egypte, Babylonië, Perzië, het Griekse hellenisme, evenals moderne bewegingen zoals de Verlichting, het socialisme en de opkomst van het nationalisme. Daarom stelt de Joods-Amerikaanse professor Daniel Boyarin dat "Joods-zijn de pure categorieën van identiteit.
Het jodendom (en het Oude Testament)
Joden stammen af van degene die als eerste de Eenheid van God erkende, aartsvader Abraham en diens zonen Izaak en Jakob. Jakob kreeg twaalf zonen die zich vestigden in Egypte. Hun nakomelingen werden slaven in Egypte en werden uiteindelijk door God, onder leiding van Mozes uit Egypte geleid. Het Oude Testament is de Joodse bijbel. Het werd geschreven tussen de 8e tot de 1e eeuw voor Chr. Het bestaat uit 39 boeken. Het ziin verhalen over het joodse volk
In een verhaal over de boodschapper Mozes staat dat hij naar de top van de berg Sinaï werd geroepen. De eerste vijf boeken, de Pentateuch of Tora (Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium), ontving de profeet Mozes op de berg Sinaï.
Het Oude Testament begint met Gods schepping en vertelt de geschiedenis van het joodse volk, hun verbond met God, hun uittocht uit Egypte en hun belevenissen in het Heilige Land.
Door meerdere gebeurtenissen in de geschiedenis, met name de verschillende oorlogen, het ballingschap in Babylonië en de opstand tegen de Romeinen, zijn de Joden verspreid geraakt over de hele wereld. Deze verspreiding of verstrooiing wordt diaspora genoemd.
Christendom
Het christendom kwam pas op na het begin van onze jaartelling. Volgens het christendom spreekt God via de bijbelse geschriften tot de mensen. Daarin wordt verteld waarom God de mens geschapen heeft. Ook wordt uitgelegd hoe de mens uit dankbaarheid tegenover zijn Schepper zou horen te leven. Maar de tekst van de Bijbel is lang niet altijd even helder. De Bijbel bestaat uit het Oude en het Nieuwe Testament.
Het Nieuwe Testament vormt het tweede gedeelte van de Bijbel, het heilige boek van de christenen. Het evangelie beschrijft, gebaseerd op mondelinge overlevering, de onderwijzing, het handelen, de kruisdood en de opstanding uit het graf van Jezus van Nazareth. De daaropvolgende boeken van het Nieuwe Testament, met name de handelingen van de apostelen en de zendingsbrieven, beschrijven Jezus' spirituele erfenis.
In het Nieuwe Testament staat de komst van Jezus centraal. Zijn dood en opstanding leidt tot het herstel van de verstoorde relatie tussen God en de mens. Zijn volgelingen zullen het Koninkrijk van God beërven.
Jezus wordt in het jodendom echter niet gezien als de Messias, een profeet of een "Zoon van God" die is opgestaan uit de dood en de zonden van de mensen heeft weggenomen, zoals in het christendom.
Van geen enkel deel van de Bijbel is een originele bron bewaard gebleven. De oudste bronnen van het Oude Testament zijn de in 1947 ontdekte Dode Zee-rollen, waarvan de oudste gedateerd worden op ca. 250 v.Chr. Het Bijbelverhaal is belangrijk voor de christenen.
Het Nieuwe Testament werd uiteindelijk na de dood van Jezus geschreven door zijn apostelen. Het bestaat uit 27 boeken. Het totaal van Oude en Nieuwe Testament bestaat uit 66 boeken. De katholieken voegen nog 7 deuterocanonieke boeken toe waardoor het totaal op 73 boeken komt.
Het Nieuwe Testament opent met de vier Evangeliën, die de daden en woorden beschrijven van Jezus. Deze worden gevolgd door de Handelingen van de apostelen. Daarin wordt de geschiedenis van de eerste christelijke gemeenschappen beschreven. Daarna volgt een reeks brieven die bijna alle op naam staan van de apostelen.
De oudste delen van het Nieuwe Testament zijn de brieven van Paulus, die tussen 50 en 60 na Chr. werden geschreven. De jongste delen kregen hun definitieve vorm rond het einde van de 1e eeuw. De vier evangelisten zijn Mattheus (75-90 na Chr), Marcus (65-70), Johannes (90-110) en Lucas (80-90).
De evangeliën geven een beschrijving van het leven van Jezus Christus: zijn geboorte, onderricht, wonderen, conflicten, kruisiging, sterven, dood en opstanding. De evangeliën zijn anoniem, maar werden al vroeg toegeschreven aan de apostelen Mattheüs en Johannes en aan twee leerlingen van Jezus Christus of van de apostelen, namelijk Marcus en Lucas .
De Handelingen vormt samen met het Evangelie volgens Lucas een tweedelig werk dat traditioneel aan de evangelist Lucas wordt toegeschreven. Tijdens de canonvorming van het Nieuwe Testament zijn de twee delen apart van elkaar in het Nieuwe Testament terechtgekomen en ze worden in de standaardvolgorde gescheiden door het evangelie volgens Johannes. In tegenstelling tot Lucas dat, net als de andere drie evangeliën, veel weg heeft van een Grieks-Romeinse biografie, komen er in Handelingen meer hoofdrolspelers voor. Een groot deel van Handelingen, ongeveer een kwart van de tekst, bestaat uit grote redevoeringen. Deze hebben een belangrijke functie. In de stijl van de Grieks-Romeinse geschiedschrijving plaatst de auteur ze op cruciale punten in zijn verhaal. Dit zijn fictieve toespraken die niets zeggen over de theologie van de spreker. Een belangrijk thema van Handelingen is de geografische verspreiding van het christendom van Jeruzalem naar Rome.
Handelingen begint met de hemelvaart van Jezus. Daarna volgen verhalen over Pinksteren, de uitstorting van de Heilige Geest, het ontstaan van het vroege christendom en de zendingsreizen van de apostel Paulus. Het boek eindigt met de verkondiging door Paulus in Rome, waar hij naar reisde omdat hij na een aanklacht een beroep op de keizer deed.
Er is geen consensus in de wetenschap over bronnen die mogelijk in Handelingen zijn gebruikt. Voor de hoofdstukken 6-15 wordt een zogenoemde "Antiochische bron" wel algemeen geaccepteerd.
Hoewel de Bijbel bestaat uit een grote verzameling losse geschriften van diverse auteurs, wordt zij in het christendom als één werk beschouwd, als de door God geopenbaarde waarheid, oftewel het "onfeilbare Woord van God", aangezien alle auteurs worden verondersteld direct te zijn geïnspireerd door God. Christenen noemen de Bijbel ook wel de "Heilige Schrift".
Elke schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven.
De plaats van de Bijbel nu
Vanwege de overheersende rol van het christendom in het Europa vanaf de late Romeinse tijd tot aan de Verlichting is de Bijbel in Europa van groot belang geweest. Niet alleen voor het godsdienstige leven, maar ook in taal, wetgeving, kunst en filosofie. Het maatschappelijke leven in het algemeen in de westerse beschaving is door de Bijbel beïnvloed. Vanwege de overheersende positie van Europa in de wereld gedurende de tweede helft van het tweede millennium strekt deze invloed zich ook buiten de westerse werelduit.
Met de Verlichting, de scheiding van kerk en staat en de wetenschappelijke revolutie in Europa en de Verenigde Staten, is de invloed van het christendom en daarmee van de Bijbel op het openbare leven afgenomen. De afgelopen eeuwen is er bij veel mensen twijfel aan de goddelijke oorsprong van de Bijbel ontstaan. Vanwege de secularisering in de westerse wereld heeft de Bijbel daar als religieuze en ethische leidraad bij velen aan belang ingeboet.
Daarnaast is er de vraag of de Bijbel letterlijk moet worden genomen. Orthodoxe christenen beschouwen de Bijbel als het product van goddelijke inspiratie en in letterlijke zin het onfeilbare Woord van God. Die overtuiging wordt mede gebaseerd op een tekst uit de Bijbel. Orthodox-protestanten neigen naar een letterlijke tekstgetrouwe lezing, terwijl vrijzinnig-protestanten de Bijbel juist meer allegorisch interpreteren. Binnen het christenfundamentalisme beschouwt men de Bijbel als historisch en natuurwetenschappelijk correct.
Sinds de verlichting beschouwen vrijzinnige christenen de teksten als mensenwerk, voortkomend uit de tijd waarin ze zijn ontstaan en dienovereenkomstig de taal en beelden uit die periode bevattend. Ook rechtzinnige christenen zijn wat dit laatste betreft meestal deze mening toegedaan. Om die reden maakt onderzoek naar de context waarin een tekst is geschreven doorgaans deel u
Tegenwoordig zien de meeste wetenschappers de Bijbel niet meer als geïnspireerd door God en onfeilbaar, maar als een zeer belangrijk cultureel, literair en bovenal religieus document. Mede door deze opvatting heeft de Bijbel in de geseculariseerde wereld minder of geen gezag meer als leidraad in ethische kwesties. Er is nog een minderheid van christenen en christelijke wetenschappers die vasthoudt aan de Bijbel als Gods openbaring, geloven in de onfeilbaarheid van de Bijbel en de Bijbel beschouwen als leidraad in ethische kwesties.
Betrouwbaarheid Nieuwe Testament
Juist door het grote aantal handschriften heeft men een tekst van het Nieuwe Testament kunnen vaststellen die in hoge mate betrouwbaar is. In een beperkt aantal gevallen is het omstreden aan welke tekstvariant men de voorkeur moet geven.
Nieuwtestamenticus Craig Blomberg zegt dat 99% van de oorspronkelijke tekst zonder enige twijfel kan worden gereconstrueerd. Waar er wel varianten bestaan, zijn ze bijna allemaal heel klein en worden ze in de meeste moderne vertalingen in voetnoten gemarkeerd. De evangelieschrijvers beweerden zeker dat ze geschiedenis schreven.
Omdat er zoveel sterk historisch bewijs is dat de opstanding van Jezus bevestigt, kunnen we er zeker van zijn dat het gehele Nieuwe Testament betrouwbaar, gezaghebbend en geloofwaardig is.
Vanuit het perspectief van geloof zijn de vier evangeliën, net als alle boeken van de Bijbel, goddelijk geïnspireerd, en dit heeft implicaties voor hun waarheid en betrouwbaarheid.
We kunnen veronderstellen dat Mattheüs zich al vroeg in zijn bediening bij Jezus voegde en als ooggetuige schreef van veel van wat Jezus zei en deed. We kunnen afleiden dat Mattheüs verschillende andere apostelen kende voordat Jezus naar het gebied kwam, en ook Lucas ontmoette vele jaren na de dood van Jezus.
Jezus' wederopstanding is nog schimmiger dan de rest van zijn leven: de oudste teruggevonden versies van het evangelie van Marcus eindigen soms met het verhaal dat Jezus' graf na zijn dood leeg was. In andere is toegevoegd dat hij uit de dood was opgestaan.
Het bestaan van een historische Jezus wordt door vrijwel alle deskundigen geaccepteerd. Daar zijn verschillende redenen voor. Ten eerste zijn er de van elkaar onafhankelijke getuigenissen over de historische mens Jezus van Paulus, Marcus en (de weliswaar hypothetische) bron Q, binnen circa veertig jaar na zijn dood.
Literatuur
‘Oude testament’, nl.wikipedia.org
‘Nieuwe Testament’, nl.wikipedia.org
‘Wat staat er in de Bijbel’, benikweluitverkoren.nl
‘Jezus (historisch)’, nl.wikipedia.org
Willie van Peer, ‘Niet te geloven. De werkelijkheid achter het Nieuwe Testament.’ humanistischverbond.be (11 jan 2022)
Frank Beijen, ‘Deze vier onderzoekers zeggen bewijs voor het bestaan van God te hebben’, quest.nl (24 feb 2020)
‘Hindoeïsme’, sewadhaam.eu
‘Boeddhisme’, nl.wikipedia.org
‘Wat Is het Verschil tussen Het Jodendom en Het Christendom?’, bijbelwoord.nl (3 jul 2022)
‘Bron Q’, nl.wikipedia.org
Reactie plaatsen
Reacties